Strategie en beleid

Geactualiseerd 13 augustus 2016


Stichting Beter Zeist

Zoals in het rapport Verstand van 1 april 2008 werd geconstateerd (zie rubriek Acties en adviezen), bestaat er in een aantal gevallen een belangenconflict tussen wijken en buurten enerzijds en de Zeister overheid anderzijds. De conflictsituatie kwam vooral tot uitdrukking op het gebied van het ruimtelijk beleid, dat wil zeggen de bouwambities ten opzichte van andere voorzieningen, waaronder groen, recreatie, verkeer etc.
Op zich is dit een situatie die zich in vele plaatsen in Nederland voordoet, zoals onder meer ook bleek uit de serie en site www.landroof.nl. Deze heeft te maken met hoe de gemeentelijke overheid functioneert en op welke wijze belangen en opvattingen van burgers in overheidsbeleid worden vertaald. Hoe kunnen de belangen en opvattingen van burgers beter doorklinken in het beleid? Dat is waar de Stichting Beter Zeist zich primair voor inzet.

VIER STRATEGISCHE AANDACHTSPUNTEN

Wat Zeist betreft werkt Beter Zeist vooral aan vier strategische punten:
1 Beleidsinhoud
2 Politieke strategie
3 Communicatiestrategie
4 Actiestrategie.

De punten zijn dan ook in de strategienota‘ van Beter Zeist uitgewerkt. Deze is op 13-01-2009 vastgesteld tijdens de Platformvergadering Zeist voor Zeist.  De nota werd opgesteld op basis van de notites ‘Relatie Politiek – bevolking Zeist’ van 19-04-2008 en ‘Actiestrategie Zeist voor Zeist’ van 24-06-2007 en 3-10-08 en verder op grond van de discussies over beide stukken in het Platform.
De stategie is verder aangevuld zoals hieronder wordt weergegeven. Ook worden accenten aangebracht bij de uitvoering van het beleid (zie subrubriek Beleidsaccenten), omdat uiteraard niet alles kan en dus prioriteiten moeten worden gesteld.

Het Platform Zeist voor Zeist, de wijk- en buurtorganisaties en de politieke partijen worden uitgenodigd gezamenlijk het initiatief te nemen om de in deze nota uitgewerkte punten uit te voeren. Dit staat voorlopig los van initiatieven die de gemeenteraad onderneemt om tot een beter contact met de burgers te komen, zij het dat in de toekomst dergelijke initiatieven kunnen samenvallen of elkaar kunnen versterken.

AANVULLING STRATEGIE

De strategie van Beter Zeist is na de vaststelling ervan nog verhelderd en geaccentueerd. Dit gebeurde op basis van vragen en praktijkervaringen in contact met buurtorganisaties en persoonlijke donateurs.
Een deel van de aanpassingen is verwerkt op de d.d. 3-03-2012 vastgestelde bijdrage over Strategie en taken van Beter Zeist in de notitie Aanpassing prioriteiten, taken en werkwijze van 4 april 2016. De afgelopen jaren ging het daarbij in het bijzonder om de volgende vraagpunten.

Vraag 1: Politieke aspiraties Beter Zeist: opmaat voor een politieke stroming c.q. partij of een niet aan politieke partijen gebonden organisatie?
Het laatste is uitdrukkelijk de bedoeling, zowel statutair in de formulering van de doelen en middelen als qua uitvoering. Dat laat onverlet dat Beter Zeist bij politieke partijen kan aandringen dat deze de beleidsdoelen van de stichting in woorden en daden onderschrijven. Ook kan zij helder maken welke partijen daadwerkelijk het beoogde beleid ondersteunen. Een aandachtspunt is het communiceren dat op gemeenteniveau de keuze voor politieke partijen op andere gronden kan plaatsvinden dan op landelijk niveau.

Vraag 2: Is er een looptijd voor Beter Zeist? Kan of moet Beter Zeist na voor haar succesvolle verkiezingen worden opgeheven of moet je de organisatie zien als een meer blijvende samenwerking van buurtorganisaties en burgers?
Beter Zeist kiest voor het laatste. Verkiezingsbeloften worden snel vergeten of ingeruild, ambtenaren blijven zitten en woningbouwcorporaties en projectontwikkelaars blijven bestaan. Ook de behoefte aan een adequaat gebruik van de ruimte blijft aanwezig, zowel bij een economische neergang als een opgang. Er is geen reden in de communicatie naar buiten toe te spreken over de ‘looptijd’ van Beter Zeist. Die geldt voor onbepaalde tijd.

Vraag 3: Wat zijn minimaal de uitvoerende taken van Beter Zeist?
Er is weinig verschil van mening over de uitvoering van de volgende minimumtaken:

  • Voorlichting en informatie: site, berichten, artikelen e.d. De actieve betrokkenheid moet duidelijk worden gecommuniceerd, zodat Beter Zeist er ook wat mee kan ten behoeve van haar naamsbekendheid en invloed.
  • Platform als uitwisseling en mogelijkheid van samenwerking.

Vraag 4: Welke andere uitvoerende taken hebben prioriteit?
Discussie was er in het verleden over betrokkenheid bij uitvoerende activiteiten in de buurten van de plaats Zeist. Dit gebeurt nu alleen wanneer het een voorbeeld- of precedentwaarde heeft, dan wel wanneer het zeer belangrijk is voor Zeist e.o., zoals Kerckebosch, Sanatoriumbos, Zeister Warande en voor belangrijke beleidskaders.
De achtergrond daarvan is dat ontwikkelingen en een bepaalde aanpak in één deel van Zeist vaak elders herhaald worden. Ambtenaren en projectontwikkelaars werken namelijk voor de gehele gemeente, het College en de Raad en zij volgen die. Wanneer bijvoorbeeld aan de Utrechtseweg (Stichtse Warande) een aanpak wordt gekozen waarbij via afbraak van oude panden veel meer wordt teruggeplaatst, zie je dat ook op kleinere schaal terug in het Lyceumkwartier. Strategisch is het dan verstandig zolang mogelijk een belangrijke ‘stelling’ te behouden, omdat anders een precedent wordt geschapen. Verder leren we ervan en wordt daarmee tijdwinst bereikt. Het vergt wel dat elk bestuurslid een wijk voor zijn/haar rekening neemt en dat sommige thema’s ook aan anderen van het netwerk van Beter Zeist worden toebedeeld.

Wanneer er geen tijd kan worden gevonden kan Beter Zeist per geval er ook voor kiezen een buurt zelf de kastanjes uit het vuur te laten halen. De stichting zal zich dan louter beperken tot informeren, het verbinden van initiatieven en eventueel nog adviseren. Dat is de minimale strategie die echter minder voor de buurten oplevert. Men loopt dan toch meestal in de val of fuik van de gemeente en projectontwikkelaars. Wanneer het de bewoners uiteindelijk helder wordt wat er gaat gebeuren, is men in feite te laat. Er ontstaat dan een soort strovuurreactie die juridisch en politiek geen effect heeft.
In de plaats Zeist zal daarom in de praktijk wel de minimale hulp geboden worden wil er geen ongewenste precedentvorming optreden. Dat is ook in het belang van de dorpen en buurtschappen, die anders gemakkelijk worden geconfronteerd met een verdeel- en heerspolitiek en met verwijzingen van burgergroeperingen naar de ruimte die daar nog zou bestaan. “Ga maar in … bouwen”. Het “samen sterk” principe geldt in de politiek wel degelijk.

Vraag 5: Onder welke voorwaarden vindt de uitvoering van taken plaats?
Of de gewenste taken worden uitgevoerd hangt af van de beschikbare tijd en energie van bestuursleden en de platformdeelnemers. De directe kosten van de ondersteuning zijn in principe voor de buurtgroep(en). Vanuit de betreffende groep(en) moet voldoende inbreng zijn om advies of andere hulp te kunnen rechtvaardigen. Dat kan in uiterst geval ook betekenen het gebruik van de stichting als juridisch vehikel (daarvoor zijn de statuten ook geschikt). Omwonenden in de directe omgeving hebben namelijk maar beperkte rechten bij ruimtelijke procedures.
Hier speelt nog iets anders mee. In de dorpen en buurschappen bestaan min of meer hechte verenigingen, terwijl dat in de plaats Zeist veel geringer is. De ‘duurdere’ buurten kennen wel buurtorganisaties, maar de overige buurten hebben meer bewonerscommissies en verenigingen van eigenaren en huurders. Deze hebben (statutair) een veel beperkter doelstelling en werken minder samen met andere organisaties. Een wijkcontactpersoon vanuit het bestuur van Beter Zeist kan mede daarom beter onafhankelijk zijn van één van de buurtorganisaties.

Vraag 6: Op welke actoren richt SBZ zich: vooral op de overheid of ook op de andere actoren zoals genoemd in de strategienota?
Uiteraard richt Beter Zeist zich op buurtgroepen en de politiek, maar juist in het voor- en natraject ook op andere invloedrijke groeperingen. Dat geldt zeker in Zeist waar de coalitiepartijen ons inziens te weinig oor blijken te hebben voor maatschappelijke organisaties zoals buurtgroepen (zie rapport Verstand onder rubriek Acties en adviezen). Veel besluiten worden immers voorgekookt al of niet in achterkamertjes. Beter Zeist moet niet bang zijn daar een vinger in de pap te krijgen. Het is vaak effectiever en meer toekomstgericht om in het voortraject van besluiten te investeren. En in het natraject is soms nodig om je tanden te laten zien, zoals door middel van (juridische) procedures.

Een ander punt is dat ruimtelijk beleid en bouw- en woningbeleid niet alleen door overheden wordt bepaald en uitgevoerd. We kunnen niet alles van de overheid verwachten, maar zullen het zeker ook moeten hebben van particulieren, instellingen bedrijven, woningcorporaties etc.

Vraag 7: Zijn de functies van Beter Zeist een bedreiging of aanvulling voor de buurtorganisaties?
Beter Zeist heeft een brede doelstelling, ze voert diverse activiteiten uit en kent zodanige statuten, dat zij ook in procedures van bezwaar en beroep kan optreden. Het gevaar dat zij in dit verband als niet-belanghebbende wordt afgewezen is dan ook gering. Dit kan een reden zijn voor buurtorganisaties om zich aan te sluiten. Het zal er namelijk op aan komen ook door middel van procedures de kwaliteiten van Zeist zo veel mogelijk te handhaven.

De aangesloten buurt- en wijkorganisaties blijven onafhankelijk en zijn verantwoordelijk voor hun eigen beleid. De Stichting biedt de door hen gewenste ondersteuning zoals voor beleidsnotities en voor een aanvulling op hun (uitvoerende) activiteiten. Want door samen te werken is het beleid in Zeist beter te beïnvloeden. Op die manier is het niet nodig dat buurtorganisaties steeds zelf het wiel uitvinden, maar kunnen zij gebruik maken van ervaringen van andere groepen. Dat betekent ook dat in alle acties en publiciteit van Beter Zeist het imago van samenhang en samenwerken tot uitdrukking moet komen. Het platform van buurten wordt alleen serieus genomen als het voldoende eenheid uitstraalt. Dat gebeurt niet als het een losse verzameling van buurtgroepen wordt die onderling tegen elkaar kunnen worden uitgespeeld.
Verder onderhoudt Beter Zeist via donateurs contact met de buurten waar nog weinig gebeurt. Vooral huurders van woningen hebben nog het gevoel dat hun mening weinig invloed heeft. Maar als ‘Vriend’ van Beter Zeist kan dat veranderen.

Vraag 8: Economie: Keuze voor kwaliteit of kwantiteit?
Tijdens de economische neergang kan er nog meer druk komen om de bouw te stimuleren: kwaliteit boven kwantiteit, als het maar werkgelegenheid oplevert. Groen en milieuaspecten worden dan – niet in woorden maar wel in daden  – minder belangrijk gevonden. Ook kan de overheid voor onaangename verrassingen komen te staan. Er zullen tekorten kunnen ontstaan als gevolg van het niet uitkomen van gecalculeerde opbrengsten. Denk aan subsidies die wegvallen als een bouwproject niet op tijd begint (Woonpark) of de subsidies vervallen (Sanatoriumbos), vertragingskosten bij bouwwerken, reeds uitgegeven voorbereidingskosten bij projecten die niet doorgaan, lagere opbrengsten van de verkoop van grond en gebouwen etc. Daardoor kan in Zeist een ‘zwart gat’ in de begroting ontstaan, waar de burgers uiteindelijk voor moeten opdraaien om de tekorten aan te vullen. In deze situatie is het van belang voor Beter Zeist te wijzen op:

  • De tekorten die (kunnen) gaan ontstaan,
  • De kwaliteit en duurzaamheid van woningen,
  • Het gebrek aan noodzakelijke voorzieningen bij woningbouwprojecten, zoals scholen, sportvelden, groen, wegen etc.
  • In laatste instantie de mogelijkheid een Raadsenquête te laten uitvoeren.

Natuurlijk zullen door de economische recessie op de korte termijn minder woningen worden gebouwd. Maar bouwrijp gemaakte gronden of gronden met een nieuwe woonbestemming kunnen later als de economie aantrekt toch worden bebouwd. In dit verband zal Beter Zeist steeds pleiten voor de kwaliteit van de leefomgeving. Ook de milieueconoom Tom Bade gaf in Rondom Zeist de economische waarde van natuurgebied al aan. (Zie zijn boek: “Het geld groeit op de Heuvelrug” is wellicht nog aan te vragen bij de Provincie Utrecht).

Vraag 9: Motto van Beter Zeist: alleen ‘groen’ of ook andere kwalificatie(s) noemen?
In een periode van economische neergang wordt groen in de maatschappelijke discussie minder belangrijk. Het gaat dan vooral om de ‘pegels’ en het economisch ‘overleven’. Daar komt bij dat het begrip ‘natuurlijk’ bij veel mensen in de dichtbevolkte buurten zeker niet alleen positieve associaties oproept. Vaak wil men wel genieten van natuur, als het maar niet te dicht bij het eigen straatje en het eigen huis komt. Een voorbeeld is Zeist-West waar de milieuorganisaties ook kritiek van bewonersgroepen krijgen bij het pleiten voor natuurlijk beheer van het groen of voor het verhogen van de grondwaterstand, die de kruipruimten van woningen echter natter maakt.

Wat men wel als positief ervaart is het mooier maken van de buurten. Dat kan door plantsoenen, maar ook door behoud het dorpskarakter en de bestaande monumenten en door aantrekkelijke bouw. Vandaar de voorkeur om in het motto niet alleen het woord ‘groen’ te gebruiken (en geen ‘natuurlijk’), maar ook het woord ‘mooi’. Dus onder het motto: “Platform van buurten voor een mooi en groen Zeist”. Bovendien: Mooi Zeist roept bij veel Zeistenaren nog positieve associaties op van het in het bos gelegen vroegere buitenbad met die naam in Noord-Zeist.

Vraag 10: Beschikbaarheid van Nieuwsflits: voor iedereen die zich daarvoor opgeeft of alleen voor donateurs?
Voor donateurs moet het aantrekkelijk zijn een donatie te storten. Het gaat dan om een vrijwillige bijdrage voor het ideële doel en voor de verstrekte informatie. Dat laatste betekent dat de donateurs meer informatie zouden moeten krijgen, dan degenen die zich vrijblijvend opgeven om een Nieuwsflits te ontvangen. Wel is het zo dat slechts weinigen zich direct als donateur zullen opgeven, zonder eerst kennis te hebben genomen van de activiteiten van Beter Zeist.

De oplossing is een korte nieuwsflits voor de belangstellenden en meer uitgebreide informatie voor de kring van begunstigers (Netwerk Vrienden van Zeist). Notulen en besluitenlijstjes van vergaderingen gaan dan alleen naar de betreffende (overleg)groep(en), zoals het bestuur, het platform en andere met Beter Zeist verbonden groepen.


Print page
Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *